Luchtpistool

door Demian Geven

Het Luchtpistool

Bij het horen van het woord luchtpistool denken de wat oudere schutters met enige weemoed terug aan hun eerste “windpistool”, de Diana Modell 2. Windbuks en windpistool waren de toen gebezigde benamingen voor de niet al te krachtige maar zeker niet onschuldige luchtwapens van de jaren na de 2de wereldoorlog. Kinderspeeltjes voor op de boerderij, maar ook de stadskinderen hadden vaak zo’n pluimpjesding. het was moeilijk er daadwerkelijk iets mee te raken, het ruwe mechaniek sprong en de trekker schraapte bij het schot. Ondingen, maar wel leuk. Heel veel windbuksen en windpistolen kwamen uit Duitsland. Duitsland, dat zich na twee wereldoorlogen lange tijd niet mocht bezighouden met wapenindustrie, richtte zich in die tijd voornamelijk op de luchtwapen-industrie.

Evolutie

In de schietsport heten deze dingen thans luchtgeweer en luchtpistool. Klinkt even beter. Het betere luchtpistool zal zo in de 2de helft van 1960 geboren zijn. Diana, Hämmerli en Walther waren de voorlopers. Diana kwam in 1960 met zijn befaamde dubbelzuiger om het pistool stil te houden, Hämmerli kwam met flesjes CO2. Later (1964) kwam Feinwerkbau met het zijspansysteem en de bewegende bovenkant als compensatie van de mechanische terugslag. Walther ontwikkelde de LP3 met voorgeperste lucht. Zowel de geweren als de pistolen werden steeds nauwkeuriger, zo zelfs, dat er wedstrijden mee mogelijk werden. Schieten met lucht werd sport. Eerst nog als goedkoop en makkelijk trainingsmiddel voor de vuurschutters en de junioren.

In 1967 werd het luchtpistool officieel toegevoegd aan het internationale wedstrijdprogramma en de eerste Europese kampioenschappen waren in 1969, in Pilzen. Het ging toen nog over 40 schoten en de eerste wereldkampioen behaalde 385 punten. Ook nu nog een behoorlijk resultaat als je bedenkt, dat in die tijd het luchtpistool nog in de kinderschoenen stond. In 1988 werd het luchtpistool toegelaten tot de Olympische spelen. Daar werd ook gelijk een nieuw wereldrecord geschoten met 590 punten uit 60 schoten en 389 punten bij de dames over 40 schoten. Maar… de tien was toen nog 12,0 mm en de spiegel (het zwart) 60 mm in diameter. In 1989 werd de tien 11,5 mm en de spiegel 59,5 mm en zo is het nu nog.

Vanwege de lage kogelenergie kon het thuis en in de tuin redelijk veilig gebruikt worden. Ook beginnende schietverenigingen konden zo in het zaaltje achter het plaatselijke café van start gaan. Maar de ontwikkeling stond nog lang niet stil. In Europa werd meer en meer met lucht geschoten. Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland zijn de grote namen op schijfschietgebied, Engeland ontwikkelde zich op het gebied van luchtwapens voor de jacht. Iedereen kent wel de namen Webley en BSA. Dat het luchtschieten een Olympisch onderdeel is geworden, heeft er zeker toe bijgedragen om als volwassen tak van sport te worden gezien.

Olympisch 10 meter luchtpistool

10 meter luchtpistool schieten is een Olympisch evenement gecontroleerd door het International Shooting Sport Federation (ISSF). Het is vergelijkbaar met 10 meter luchtgeweer waarbij er word geschoten met 4,5 mm kaliber luchtkogels (pellets) op een afstand van 10 meter. De discipline voor mannen bestaat uit 60 schoten in 105 minuten, en 40 schoten in 75 minuten voor vrouwen. De 10 meter luchtpistooldiscipline lijkt, ondanks de kortere afstand en het gebruik van luchtpistolen, erg op 50 meter pistool. De meeste mannelijke schutters op topniveau beoefenen beide evenementen.

Er is een aantal beperkingen opgelegd bij het luchtpistool schieten. Zo moet er geschoten worden vanuit een staande, niet ondersteunde positie en moet het pistool worden bediend door slechts één hand. De schutter kiest zijn of haar eigen tempo, zolang de maximale tijd maar niet wordt overschreden. In de laatste tien extra finale schoten worden er aparte commando’s gegeven voor elk schot zodat het publiek kan het verloop van het klassement kan volgen.

De belangrijkste wedstrijden voor 10 meter luchtpistool zijn de Olympische Spelen en de ISSF Wereld Kampioenschappen die elk om de vier jaar worden gehouden. Daarnaast is de discipline opgenomen in continentale kampioenschappen in, evenals in vele andere internationale en nationale wedstrijden. Het is een indoor-sport. Op het hoogste niveau worden elektronische doelen gebruikt in plaats van de traditionele papieren doelen.

Schietbaan en schietkaart

Een lucht pistool doel of kaart is 17 bij 17 centimeter en heeft concentrische score zones. De binnenste ring (ter waarde van tien punten) heeft een diameter van 11,5 mm.

Een luchtpistool-schietbaan verschilt niet van een luchtgeweer-schietbaan. Elke schutter heeft een tafel of schietbank van een 1 meter breed en 10 meter afstand tussen de vuurlinie en het doel tot zijn of haar beschikking. De huidige regels verplichten dat de banen binnen zijn gebouwd met een specifieke minimale hoeveelheid aan kunstmatige verlichting. Veel van de wedstrijden op topniveau worden gehouden op tijdelijk opgezette schietbanen in sport- of congrescentra.

Het doelwit wordt traditioneel gemaakt van licht gekleurd karton waarop score-lijnen en een zwarte cirkel, bestaande uit de score-zones 7 tot en met 10, zijn afgedrukt. Er is ook een binnenste 10 ring, maar die wordt alleen gebruikt bij beslissen van gelijke puntenaantallen. Het wisselen van de kartonnen schietkaarten wordt door de schutter, door middel van elektronische of handmatig bediende transportsystemen, zelf gewisseld. Bij wedstrijden op hoog niveau word vaak maar één schot per kaart geschoten. Het aantal schoten per kaart kan naar twee, vijf of zelfs naar tien worden verhoogd, afhankelijk van het niveau of belang van de wedstrijd. De geschoten kaarten worden verzameld door de baancommandant en worden geteld op een andere plek, vaak in een ruimte naast de schietbanen.

Records

Wat doet de wereldtop tegenwoordig zoal met luchtpistool? Het zal u tegenvallen hoe oud sommige records al zijn, vooral omdat de pistolen uit die tijd ook nog minder waren, dan de pistolen waar we nu mee kunnen schieten.

  • Wereldrecord Heren 60 schoten: Jong Oh Jin, Korea, 594 punten, Changwon, 12 apr. 2009, Met een Steyr LP10.( Het oude wereldrecord is na 20 jaar verbeterd)
  • Wereldrecord Dames 40 schoten: Svetlana Smirnova, Rusland, 393 punten, München, 1989
  • Olympisch record Heren 60 schoten: Yifu Wang, China, 587 punten, Atlanta, 1996
  • Olympisch record Dames 40 schoten: Marina Logvinenko, Rusland, 390 punten, Atlanta, 1996

Fouten herkennen

De huidige perfectie van het moderne luchtpistool is zodanig, dat schieten ermee een bijzondere ervaring is. Een schutter maakt fouten, laat daar geen twijfel over bestaan. Vaak zoveel fouten, dat het nog een wonder is, dat hij wat raakt. Dat komt niet alleen maar door gebrek aan techniek. Een fout herken je als je hem ziet. Het zien van een fout is nog niet het oplossen van een fout, maar als je de fout al niet eens ziet dan valt er weinig op te lossen. Een vuurpistool verdoezelt de meeste fouten door het vrijkomend geweld tijdens het schot. Als het een tien is -en dat kan ook een afzwaaier zijn- is de schutter tevreden. Is het een echte misser, dan weet de schutter meestal niet hoe dat komt, hij schiet gewoon verder en ziet wel wanneer er weer een tien komt. Veel vuurpistolen zijn afgeleid van gewone handvuurwapens. Een betere greep, verbeterd mechaniek, betere richtmiddelen, maar nog steeds een afgeleide van een gewoon handvuurwapen. Dat merk je in de balans en in het resultaat. Echte voor de schietsport ontwikkelde wapens zijn verre te prefereren als je aan schietsport doet. Moderne luchtpistolen zijn ontwikkeld voor de schietsport en nergens anders voor. Het Balans, trekker, richtmiddelen en jaren ervaring van topschutters zijn samengebouwd in een stuk gereedschap om topsport mee te kunnen bedrijven.

Techniek

Ter bevordering van het nauwkeurig schieten vanuit een staande positie moet modern luchtpistolen zo ontwikkeld zijn dat ze vrijwel terugstootloos en trillingsvrij zijn en dus geen bewegingen of verschuivingen van het evenwicht vertonen tijdens het lossen van het schot. Het pistool moet ook de mogelijkheden bieden om volledig te kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeuren van de schutter. Denk aan een verstelbare greep en diverse accessoire als extra gewichten en korrelgroottes. Een luchtpistool is combinatie met de juiste pellets (kogeltjes) is in staat om consistent perfecte tienen te schieten. Een slecht resultaat op een wedstrijd is alleen toe te schrijven aan de schutter zelf in plaat van het gebruikte luchtpistool.

Moderne pistolen zijn gas-aangedreven met een kaliber van 4,5 millimeter. De minimum over te halen trekkerdruk is 500 gram. Dat is de helft van een sportpistool. De greep en de regels zijn vergelijkbaar met sportpistolen. De van het luchtpistool moet passen is 42cm bij 20cm bij 5 cm. Dit zorgt voor een grote vizierafstand en geeft eventueel ruimte voor een spanarm (bij oudere luchtpistool modellen). Opeen paar uitzonderingen na (zoals de Baikal IZH-46M) wordt in moderne luchtpistolen gebruik gemaakt van cilinders gevuld met lucht en minder vaak kooldioxide containers. De maximale totale gewicht is 1,5 kg. Het pistool moet worden bediend door slechts één hand vanuit een staande positie, en mag alleen worden geladen met één 4,5 mm pellet per schot (enkelschots).

Een modern luchtpistool beweegt dus niet tijdens het schieten, het is, zoals het er staat, het beweegt niet. Beweegt het wel, dan is dat niet het pistool, maar de schutter. Dat is de eerste fout herkennen en dan vervolgens aan de oplossing gaan werken. De grepen zijn 3D verstelbaar. Staat de korrel niet in het midden van de keep, draai dan niet met je pols, maar verstel de greep. Staat de korrel te hoog of te laag in de keep, til niet met je pols, maar verstel de greep. Zomaar 3 fouten hersteld. Schiet je enige tijd met een modern luchtpistool, dan zie je ineens de beperkingen van een “gewoon” kleinkaliber pistool. Je gaat met andere ogen kijken naar sportpistolen. Het moderne luchtpistool biedt alle opties om je aanslag fijn te slijpen, zo fijn zelfs, dat je schieten ineens gaat begrijpen en als het eenmaal zover is, dat je schieten begrijpt, dan kan je bijna overal goed mee schieten. En zeg je: allemaal flauwekul, ik schiet al goed zonder die onzin, dan ga je met die “onzin” nog beter schieten. Absoluut. Tenzij natuurlijk, dat je helemaal niet beter wilt schieten, maar degenen die zo denken, die lezen dit natuurlijk ook al niet.

Zonder verlof

Luchtdrukwapens mag je overigens nog zonder enige beperkingen gewoon in bezit hebben. Thuis, in een koffertje in de auto, in de tuin (mits niet zichtbaar vanaf openbare weg), ermee schieten in de gang of op zolder. Zou je van enthousiasme zelfs helemaal overschakelen op lucht. Je bent ook niet verplicht je luchtpistool thuis op te bergen in een kluis, alhoewel het bewaren op een veilige afsluitbare plek wordt aanbevolen.

Gewoon gezond van lijf en leden…

Een schutter, gezond van lijf en leden, leeftijd eigenlijk niet zo belangrijk, met interesse voor het schieten en niet te beroerd om wat aan en af te leren, kan met een eigen luchtpistool en enige training met 60 schoten 550 punten halen. Uiteraard moet hij zich de theorie van het perfecte schot eerst gedegen eigen maken en regelmatig en serieus trainen.

De theorie van het perfecte schot kun je je eigen maken bij S.V. Grensschutters, de rest moet je zelf doen, al willen wij je daar graag bij helpen.

Meer info over 10 meter luchtpistool op Wikipedia.

©2011 - 2015 S.V. Grensschutters Maastricht - Disclaimer - Ontworpen met behulp van Wordpress door Demian Geven